Geschiedenis

Choibalsan is een stad in het oosten van Mongolië, 650 km van de hoofdstad Ulaanbaatar. Onder de ongeveer 45.000 inwoners zijn circa 50 kinderen die voor zichzelf moeten zorgen. In de winter slapen ze onder de grond bij de leidingen van de stadsverwarming. Zij gaan niet naar school, velen van hen kunnen niet lezen en schrijven. ondergrondsZij zamelen lege flessen in en stelen om in leven te blijven. Ze zien geen andere mogelijkheden. Sommigen zijn wees, velen hebben ouders die niet voor hen zorgen. Sommige ouders sturen hun kinderen erop uit om geld te “verdienen” en slaan hen als ze zonder geld thuis komen.

De grote meerderheid van de inwoners van Choibalsan heeft een moeilijk leven. Er is onvoldoende werk en het bestaan is voor velen uitzichtloos. Velen hebben al hun tijd en energie nodig om te overleven en hebben, treurig maar begrijpelijk, geen aandacht voor de problemen van de straatkinderen. Die vinden ze lastig want ze stelen en ze zijn vies. Ze worden gemeden en aan hun lot overgelaten.
Kortom: het leven van deze kinderen is erg moeilijk en er is geen hoop voor de toekomst. Of liever gezegd: er was geen hoop voor de toekomst. In de herfst van 2006 is Boldsaikhan begonnen hen te helpen. Hij is letterlijk onder de grond gekropen en heeft de kinderen daar weggehaald. Hij bood hen onderdak in de kelder van een flatgebouw en gaf hen te eten. Hij deed dit met het weinige geld dat hij en zijn vrouw verdienen. Zijn drijfveer is zijn christelijk geloof dat hij als weinig anderen echt in praktijk brengt.
In het voorjaar van 2007 ontmoette Boldsaikhan Maarten Stoffels, een Nederlandse arts die als vrijwilliger in het ziekenhuis in Choibalsan werkte. Samen zijn zij aan het werk gegaan om fondsen te werven in Nederland en dat is goed gelukt. Sinds de zomer van 2007 wonen 25 kinderen in een huis, Anna Home, dat eigendom is van deMongoolse Non Gouvernementele Organisatie (NGO) “All for Children”.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *